Anneke Claus / 2009 – 2011

privé

Anneke Claus werd gemaakt in de Pyreneeën, groeide op in Doetinchem en woont en werkt in Groningen en Amsterdam. Bij Uitgeverij Passage publiceerde ze de dichtbundels Bonzai! (2005), Dat was dat (2008) en Wissen (2011). In mei 2017 verscheen bij Lebowski haar bundel Begrafenis van de mannen.

De titels van haar voorgaande bundels Dat was dat (2008) en Wissen (2011) suggereren dat Anneke Claus gedichten schrijft om afscheid te nemen, op te ruimen, af te sluiten. In haar nieuwe bundel, waar ze vijf jaar lang op broedde, begraaft ze een hele stoet mannen die in haar leven een rol spelen of hebben gespeeld en legt ze uiteindelijk ook zichzelf onder de zoden. Soms wordt het leven hemelhoog juichend gevierd, in andere gedichten wordt er minutieus verslag gedaan van de moeizame zoektocht naar liefde en acceptatie. Dat er tijdens dit defilé van kleine grafmonumenten gelachen mag worden, is bij zoveel pech mooi meegenomen.

Voor de Verakrant, de GrandKrant, Radio Jonge Harten en het IFFR schreef ze over boeken, film en theater. Ze mocht de microfoon vasthouden bij o.m. Crossing Border, Lowlands en De Wintertuin. Deed van 2009 tot 2011 dienst als stadsdichter van Groningen.

Lees hier een kleine selectie van Anneke’s stadsgedichten!

Eén Euroborg

 

Plaatjes. En ook: mooie woorden. In een lijstje.

Sculpturen op het plein zo groot

dat iedereen zijn oog eraan kan ophalen. Openhalen.

 

Roerloze staketsels. Wat staat daar geschreven?

Wie spiegelt zich in zulke spiegels?

Dat de noordenwind eromheen fluit zo eenzaam.

 

Je moet d’r ook wat vinden.

Dat het best wat mag kosten, roept de een.

Dat wie de hemel wil op zijn tenen moet staan.

 

De ander, dat ben ik.

Dat iedereen dat weet.

 

Mijn paradijs kent zulke stilstand niet.

Het is d’r een en al beweging.

Wat beweegt gaat vooruit: ’t vliegt.

 

Valt een fabriek, verrijst een stadion.

In één gebaar. D’r komt geen uitleg aan te pas.

 

(Dick Heuvelman was van 1972 tot 2009 hyperactief sportjournalist bij het Dagblad van het Noorden. Hij stak zijn onbescheiden mening dat sport meer verbroedert dan kunst (en nog stukken begrijpelijker is ook) niet onder stoelen of banken.)

 

*

 

CASUS X.Y

Hierbij bevestiging van schriftelijke ontvangst van uw schrijven gedateerd 13 februari, Jaar des Heren 2009.

Laat allereerst gezegd zijn dat de door u aangezwengelde zaken ten zeerste te betreuren vallen, door ons (Y) persoonlijk nota bene, om genoegdoening schreeuwen en om een structurele aanpak teneinde soortgelijke gevallen in de toekomst blijvend te elimineren.

Wij (Y) willen u er evenwel op wijzen dat wij met velen zijn en dat in een dynamisch geheel, zijnde wij (Y) plus jullie (X), het niet meevalt met de vinger in één richting te wijzen. Sterker nog, meestal wijzen wij allemaal naar elkaar, in uiteenlopende richtingen, hetgeen bij u, jullie (X) opperste verwarring teweeg pleegt te brengen, en zo zijn wij (Y) er mooi vanaf.

Houdt u van chocolaatjes, X? Rozen hebben we ook. Denkt u er nog maar eens goed over na! Er is van alles mogelijk. U kunt met ons bijna alle kanten op.

 

(Om de schrijfvaardigheid van haar ambtenaren te peilen organiseerde de gemeente Groningen in 2009 een cursus helder briefschrijven aan burgers. Deelnemers werd gevraagd een bejaarde dame te compenseren die haar wekelijkse theevisite gemist had omdat de bus niet als gewoonlijk voor haar deur was gestopt.)

 

*

 

Gelieve hier

Dit is de man, dit is de vrouw.

Moeten er leidingen door dit brakke land
en wil ik dat de vuilkar rijdt. Ik wik en staar en
tast de kaart af met een bleue vinger.

Ben ik niet voor onderwijs. Onzichtbare zaken.
Dit is de man, dit is de vrouw die in geen verte op mij lijkt.

Zet ik het potlood in het vak. Teken
omdat ik weiger niet te tekenen.

Moustafa tekent niet.

Geef ik hem vleugels.

Weer een vogel vrij.

 

(Uit de peilingen voor de landelijke verkiezingen van 2010 dook duidelijker dan ooit in de geschiedenis van onze constitutionele monarchie het beeld van een zwevende kiezer op.)

 

*

 

Per slot van rekening

 

Men moest maar niet

de man met de toren verwarren

 

die zijn schaduw werpt

over het plein.

 

Nog eenmaal staat de bleke chauffeur

naast zijn wagen en rookt. Hoog de zon.

 

Als alle andere dagen

voert de lijnrechte weg naar het centrum.

 

Jacques’ hand rust op de aktetas.

Ze wachten meer dan ooit op hem

 

en weten al wat hij gaat zeggen.

 

(In juni 2009 kondigde Jacques Wallage aan dat hij het burgemeestersambt vaarwel wilde zeggen voordat de Groningers hem gekscherend de ‘Olle Grieze’ gingen noemen.)

 

*

 

Annexeren de man

 

Het stikt hier van de goden.

 

Op het dak van de beurs staat er een

op een been, op het punt om weg te vliegen.

 

Hoog boven de brug torent de dame

met de pronte borsten, uit betrouwbare bron weten we

dat omstreeks 1970 iemand probeerde ze te kussen.

 

In de mist op het stationsplein spookachtig

de witte pikeur naast zijn paard. Hailendal dood.

 

Daar op een zomeravond als deze

tussen gaan staan. Je moet er op komen.

 

Steek je hoofd maar door de ketting.

Hij is precies zwaar genoeg om je aan de grond

te houden. Nu ben je van ons.

 

Het stikt hier van de goden.

 

(Toen Peter Rehwinkel in september 2009 de ambtsketting omgehangen kreeg, vroegen journalisten zich hardop af of deze zachtaardige ex-burgemeester van Naarden zich staande zou kunnen houden tussen de nurkse Groningers.)