De komende tijd publiceren we op de website van Noordwoord interviews met debutanten. De reeks gaat van start met Marjan Brouwers. Verleden week verscheen haar dystopische roman Leegland.

In de Republiek Nieuw-Nederland is Leegland een haast mythische plaats waar volgens de machthebbers niemand kan overleven. In de debuutroman van Marjan Brouwers is het de plek waar de hoofdpersonen uit de klauwen van de dictatuur hopen te blijven. Brouwers kreeg het idee voor haar roman in 2015 toen ze Trump zag opkomen. Tijdens het schrijven werd ze regelmatig ingehaald door de actualiteit: zelfs een dodelijk virus werd werkelijkheid.

Leegland is Brouwers haar ‘solodebuut’ aangezien er al enkele boeken aan vooraf gingen. Samen met Jeannette van Ditzhuijzen publiceerde ze twee boeken waaronder de roman Ren, Janina, Ren! in 2016. Een waargebeurd verhaal over een tienjarig Joods meisje dat in Polen op de vlucht is voor de nazi’s. “Bij mijn vorige boek deed Jeanette de research en schreef ik de hoofdstukken. Zij ging daarna met de rode pen door de tekst en voegde stukken toe. Daardoor werd het een gezamenlijke tekst. Dat was echt een coproductie.”

Infodumps

Voordat Ren, Janina, Ren! uitkwam was Brouwers al bezig met het nieuwe boek. “Ik ben begonnen in het jaar van de vorige Amerikaanse presidentsverkiezingen. Donald Trump kwam toen op, er was veel aandacht voor klimaatverandering en voor de gasbevingen in Groningen. En toen dacht ik: stel je nou voor dat alles wat ik vreselijk vind uit zou komen. Hoe zou Nederland er dan uitzien? Ik vond een kaartje, daar schreef ik laatst ook een blog over, waarop te zien is hoe Nederland eruitziet als alle dijken weg zijn. Dat het halve land dan onder water staat vond ik interessant. Daar begon het mee. Een ander beeld dat door mijn hoofd spookte was dat van een meisje in een trein. Vanuit die trein ziet ze de bossen en een paadje in de verte en ze wil daarnaartoe. Ik ben niet iemand die van tevoren helemaal verzint waar het heen moet met een verhaal. Ik dacht: nou ik zet haar in een toekomstig Nederland waar het heel verschrikkelijk is. Wat zou er dan gebeuren?”

Jan Arkesteijn – Wikipedia

In Leegland komt de lezer er gaandeweg achter hoe overstromingen, een dodelijk virus en klimaatoorlogen Nederland hebben verwoest. Verscheidene facties vechten om de macht. Zo streed een van de hoofdpersonen tegen terroristen in Maastricht en ligt de republiek onder vuur van de bewoners van de Archipel Amsterdam waar mensen zich handhaven op de daken van hoge gebouwen. Veel van wat Brouwers bedacht kwam uiteindelijk niet in het boek terecht. “Ik heb echt boeken volgeschreven met de ideeën over hoe de rest van de wereld er dan uit zou zien. Ik had op een gegeven moment ook bedacht dat er in Rotterdam nog industrie op een soort eiland zou zijn. De wereld die ik had bedacht was veel groter, maar het risico is dat je aan infodumps gaat doen en er eindeloos over gaat vertellen. Uiteindelijk gaat het verhaal over twee jonge mensen die weg willen en die zijn helemaal niet bezig met wat er in Rotterdam of Amsterdam speelt, die willen overleven.”

“Dat is ook iets wat ik geleerd heb van Ren, Janina, Ren! Er komt een scene in voor waarbij het dorp waar de hoofdpersoon woont wordt overvallen door Duitse troepen. Jeanette had uitgezocht hoeveel doden er die dag waren gevallen volgens de overlevering. Dat was historisch correct, maar ik wilde dat niet gebruiken. We zitten in het hoofd van onze hoofdpersoon en die heeft geen flauw idee, die is er niet mee bezig. In een roman vind ik het fijn om de verbeelding aan de lezer over te laten. Je moet het idee krijgen van een grotere wereld zonder dat ik dat allemaal uit zit te leggen.”

Wat wil Julius?!

In de enclave Amersfoort-aan-Zee ontmoeten de twee hoofdpersonen Senna en Julius elkaar voor het eerst in de trein naar Fort Zwolle. Senna vocht in het leger, maar is in ongenade gevallen en wordt als deserteur verbannen. Julius is de zoon van een vooraanstaande arts die een medicijn tegen het dodelijke virus probeert te ontwikkelen. Julius en zijn zus Eva blijken hier ongewild ook bij betrokken en Julius wordt opgepakt. De wereld van de ‘enclavejongen’ stort dan in. “Niks van wat Julius denkt te weten blijkt te kloppen. Hij is een boeken iemand en alles wat hij weet leert hij door oude boeken te lezen. Het is dus ook een naïeve jongen. Hij leert op een hele harde manier de werkelijkheid kennen en ook de werkelijkheid over hemzelf.”

Anders dan Senna en Eva heeft Julius geen keuzes, die zijn al door zijn vader gemaakt. Brouwers kon zich tijdens het schrijven een stuk gemakkelijker in Senna, haar favoriete personage, verplaatsen. “Ze stond me vanaf het begin helder voor de geest. Senna heeft zich tijdens het schrijven ontwikkeld van een boze jonge vrouw naar iemand die ook andere kanten van het leven ontdekt. Zo probeert ze, tijdens hun vlucht, op Julius te vertrouwen terwijl ze dat in het begin niet ziet zitten.”

“Wat Senna wilde was voor mij heel duidelijk: ze wil ontsnappen en aan een nieuw leven beginnen. Ze is iemand die altijd nieuwe mogelijkheden ziet en verder wil. Zo zit ik ook in elkaar en ik denk dat Senna ook wel wat van mij heeft. De dingen zitten tegen, de dingen zijn moeilijk, maar we moeten door. In tegenstelling tot haar heeft Julius inderdaad heel weinig te kiezen. Een personage moet vooruit willen en dat vond ik bij hem moeilijk. Ik ging wel eens slapen en dacht dan ‘wat wil Julius?!’ Mijn conclusie was dat Julius wil overleven. Dat is natuurlijk het trieste voor hem: hij kan niet ontsnappen aan de keuzes die zijn vader voor hem heeft gemaakt.”

Mijn horrorstukje

Terwijl Julius en Senna proberen te ontsnappen komt Eva erachter wat haar vader heeft gedaan. Gedwongen door haar vader en de beul Kwist moet ze mee naar Fort Zwolle in een poging om Julius gevangen te nemen. Uiteindelijk komen Julius en zijn vader tegenover elkaar te staan. “Ik wist al heel lang hoe Leegland zou eindigen. En ik wist ook op wat voor manier ik de verhaallijnen van Senna, Eva en Julius zou afronden. De confrontatie tussen Julius en zijn vader is natuurlijk cruciaal, maar lange tijd wist ik niet hoe ik dat zou aanpakken. Uiteindelijk kwam die scène heel spontaan bij me op. Ik noem het wel eens mijn horrorstukje omdat het voor mijn doen best gewelddadig is, maar het moest.”

“Vanwege de vlucht van Julius en Senna ligt het tempo heel hoog. Toen ik het ging optellen besefte ik dat het nogal kort was, een tot maximaal twee weken. Toen ik op de helft van het verhaal was wilde ik naar het einde toewerken en toen vond ik het moment waarop de confrontatie zou plaatsvinden. Pas twee jaar geleden heb ik het opgeschreven. Achteraf heb ik door het verhaal nog wat hints toegevoegd. In de proloog onthul ik al iets over Julius. In een eerdere versie kwam het pas tegen het einde van het boek naar voren. Dat was echt te laat. Hoe ik die informatie kon toevoegen zonder aan infodumping te doen was wel een puzzel.”

Leegland

Brouwers laat veel over aan de verbeelding. Dat met Leegland Noord-Nederland wordt bedoeld is voor de lezers al snel duidelijk. In het boek is Leegland een mythische plek waar mensen, onder leiding van Kosse Lester in vrijheid kunnen leven. Ondanks de aardbevingen staan de Martinitoren, het monumentale Feithhuis en het Forum nog overeind aan de Grote Markt. “Tijdens het schrijven wist ik de hele tijd: we gaan naar Stad. Ik noem de naam Groningen in het hele boek geen enkele keer, maar die vrije enclave, ja dat is hier.”

“In het begin dacht ik: de bewoners van de Republiek weten niets over Leegland, maar dan is het geen aantrekkelijke plek om heen te vluchten. Bovendien is Senna veel te verstandig om ergens heen te gaan waar ze geen toekomst in ziet. Nu is het plek met een soort mythische aantrekkingskracht waar mensen naartoe willen vluchten. Ik heb me ook afgevraagd waarom het leger niet die kant opgaat. Misschien komt het het regime wel goed uit dat lastpakken en dwarsdenkers over de grens verdwijnen. Dat zijn dan minder mensen om te voeden en te onderdrukken. Het land is overstroomd en vergiftigd. Voedsel is er nauwelijks. Ze hebben het te druk met terroristen en ander gespuis om zich bezig te houden met het noorden.”

Ingehaald door de werkelijkheid

Vijf jaar werkte Brouwers aan Leegland en het verhaal werd steeds groter. “Dat dodelijke virus heb ik niet op het laatst toegevoegd maar al in 2016 bedacht. Op 15 maart, tijdens de eerste week van de lockdown, heb ik het manuscript ingeleverd bij mijn uitgever. Dat was een hele rare gewaarwording. Tijdens het schrijven heb ik regelmatig gedacht dat de werkelijkheid mijn verhaal inhaalde en op die dag in maart was het helemaal bizar.”

Wie het boek uit heeft kan niet om het einde heen. “Je kunt zien dat het verhaal is afgelopen, maar hoe de personages hun leven voortzetten? Natuurlijk zit er al een verhaal in mijn hoofd, maar mijn uitgever Anton Scheepstra zei ‘eerst dit boek.’ Ik zou het wel heel erg leuk vinden om een vervolg te schrijven en ik denk ook dat dat kan. Ik wil er dan natuurlijk niet weer zo lang over doen als over Leegland.”

Sinds 23 oktober ligt Leegland in de winkel. Het boek van Marjan Brouwers is verschenen bij Uitgeverij Passage en is daar ook te bestellen voor €21,-

Maarten Praamstra

Foto: Henk Veenstra

Als alles wat je vreselijk vindt uitkomt

Geplaatst: vr, 30 oktober 2020